Starend over Fjällbacka aan de Zweedse kust

Ons verhaal

 

April 2024

Telkens als ik een verhaal hoor of zie van een emigratie begint het met: ‘We hebben ons huis verkocht en toen… ‘ Die luxe hebben wij niet. Vanuit ons huurhuis moeten er toch ook mogelijkheden zijn. Het voelt nu wel alsof het steeds dichterbij komt. We zijn hard aan het sparen en zo heel duur zijn de huizen in Zweden nu eenmaal niet.

Ons wensenlijstje is ook niet duur. Gewoon een leuk houten huisje achteraf in of bij een bos, zo zelfvoorzienend mogelijk leven, de enige luxe die we ons willen permitteren is een internetverbinding. Voor het stukje waar we niet zelfvoorzienend in kunnen zijn zal toch wat geld verdiend moeten worden. Niet aan een drukke weg of spoorbaan, dat is wel een absolute wens waar we niet aan gaan tornen. We willen echt rust en natuur om ons heen. Buren op gepaste afstand ook…

Dat zijn de irritaties die we nu in ons dagelijks leven ervaren. Ruziënde buren, krijsende kinderen, blaffende honden en dan bedoel ik dag en nacht! Ik ben een dierenvriend maar dit is gewoon te gek voor woorden. Voorbij razende auto’s met klapperende karren erachter. Brandweerwagens die midden in de nacht hun sirene aanzetten. Een groot bouwterrein naast ons waar vanaf half 7 in de ochtend gewerkt wordt. Mijn favoriete moment in de week is zondagochtend… Om een uur of 6 kun je, als je heel stil bent, vogeltjes de dag horen begroeten met hun prachtige lied. Vanaf half 7 wordt het alweer verstoord door verkeer. Het is hier gewoon veel te druk! En dan staat ons huurhuis nog in een dorpje. Je moet er toch niet aan denken in een stad te moeten wonen. Gelukkig is iedereen anders maar wat ons betreft kan het niet stil genoeg zijn.

Het bezoek van de woonstichting zojuist heeft mijn gevoel alleen maar versterkt. Twee heren staan met hun armen over elkaar voor mijn deur… Een standaard checklist paraat.
Er is een berkenboompje gaan groeien in onze voortuin en die vinden ze te hoog. Of we die even terug wilde snoeien. Alsof je zomaar de top uit een berkenboom kun halen en verwachten dat het een mooie boom blijft. De pimpel- en koolmezen zijn gek op deze boom! Er staat ook teveel onkruid in mijn tuin zegt de andere… Verontwaardigd vraag ik waar dan? Hij wijst naar de opkomende paardenbloem. Ja heerlijk voor de ontwakende bijtjes! En die? Dat is smeerwortel… Die heb ik zelf gezaaid voor de hommels. Brandnetels? Welnee! Citroenmelisse! Heerlijk om thee van te maken.
Alles wat ze aanwijzen benoem ik bij naam en zeg erbij waar het goed voor is. Eén van hen kan een glimlach niet onderdrukken. Mijn tuin is bewust natuurlijk. Ik moet erg mijn best doen om niet verder geïrriteerd te raken… Als optelsom kun je wel stellen dat ‘overprikkelt op alle fronten’ de emotie van dit moment goed samenvat.

Het is te druk ik dit landje… Ik mis het Brabant van vroeger. Dat waar Wim Sonneveld zo mooi over zong. De boerenbloemen langs heggen en zandpaden. Mensen die simpeler leefde tussen groen en niet alleen voor het oog van een ander. Hard werkend maar toch tijd voor elkaar. Geen grote blinkende auto’s en huizen zonder tuin, want dat is teveel werk en grond is duur in Nederland. We leven in betonnen dozen om zoveel mogelijk mensen bij elkaar te kunnen proppen. Geen ruimte, geen zuurstof, geen verdraagzaamheid, geen grond en schoon drinkwater is ook regelmatig een probleem. Er is een tekort aan alles en dat wordt alleen maar erger! Een dagje uit doen we niet meer omdat je dan uren in de file staat, zelfs hier in Brabant. Er is veel verandert sinds mijn kindertijd en vroeger krijgen we nooit meer terug. Als iemand me vraagt of ik dit dan niet zou gaan missen? Nee, daar kan ik kort over zijn…

Starend naar een luchtfoto op Hemnet, de Zweedse funda, van alweer een mogelijk droomhuisje in Zweden denk ik aan hoe het zou zijn… Als we net dat stukje grond van de buren erbij zouden mogen hebben. Daar past wel een ruime moestuin. Alweer net niet perfect en gelukkig maar! Want het kan nog niet…

Nog even geduld… Het komt goed! Ons moment en ons perfecte huisje komt vanzelf op ons pad. Ik weet het zeker! Als je samen iets zo graag wilt dan komt het echt wel naar je toe… Maar als je iets zo graag wilt is geduld hebben nu juist heel lastig.

We hebben andere landen bekeken waar we eventueel heen wilde verhuizen. Waar de huizen nog betaalbaar zijn en er nog ruimte is om te leven zoals wij zouden willen. Na Duitsland, Hongarije, Slovenië en Spanje kwamen we meestal terug uit op Italië. We hebben daar nogal wat connecties, de taal is al redelijk bekend, het eten is er heerlijk! Maar… Die hitte! We kunnen gewoon echt niet tegen zulke temperaturen en de zonneallergie van William deed ons tijdens de laatste reis daar besluiten dat Italië het gewoon niet ging worden. Ineens zonder doel… En dat voelde niet fijn. We wilde echt weg uit Nederland. Maar waarheen? Tijdens een wijntje op een warme zomeravond kwam het idee om een camper te huren en in de herfst van 2021 Zweden te verkennen. Gewoon een weekje, snel op en neer. Niet te ver, gewoon even proeven van het land. Een eerste kennismaking! Toen William op het eind van deze fantastische reis zei: ‘Ja, hier wil ik wel wonen!’ Was ik het compleet met hem eens… Liefde op het eerste gezicht! En hoe vaker we hierheen gingen hoe sterker dit gevoel werd. Zweden wordt ons nieuwe thuis! Heerlijk om eindelijk te weten waarheen… nu rest alleen nog… Wanneer? 

Met de veerboot naar Götenbörg
Juni 2024

Op vakantie naar Zweden!

Voorpret! Het is weer bijna zover! We gaan op vakantie naar Zweden.

Deze keer met de nachtboot van Kiel naar Götenburg. Dat is zo prettig! In plaatst van 1500 km autorijden gaan we na 600 km de boot op. Lekker eten, een goede nacht slapen en uitgerust vervolgen we onze reis in de ochtend. Tijd genoeg voor het uitgebreide ontbijtbuffet. Heerlijk vind ik dat! Een keertje niets hoeven klaarmaken en geen afwas. Genieten hoor! Het zijn nou net die kleine dingen die het leven zo leuk maken!
Vervolgens komen we meteen in het mooie gedeelte van Zweden waar onze vakantie pas echt kan beginnen. Wij vinden de provincie Värmland absoluut het mooiste stukje Zweden. Vanuit Götenburg ben je er zo. Het ligt tegen Noorwegen aan wat betekend dat het ruw en bergachtig is. Aan de andere kant de dalen met de grote meren Vänern en Vattern, daar tussenin een prachtig natuurgebied vol grote en kleine meren. Dalsland met het kanalenstelsel uit vroegere tijden wat veel van deze wateren verbind en dat is wel zo fijn voor het onderwater leven! En bossen…. Zo enorm veel uitgestrekte bossen! Soms mag je even kennismaken met het leven wat verscholen gaat in deze bossen… Een hert of ree die oversteekt. Elanden die zich verschuilen achter een dun boompje, kraanvogels die hun jongen groot brengen en foerageren in een weitje. Een everzwijn met jonkies aan de rand van het bos. Werkelijk prachtig allemaal!

Eindelijk is het weer zover. Morgen vertrekken we!

De avond ervoor zegt William; “ Heb je de laatste tijd Hemnet nog in de gaten gehouden? Staat er iets leuks op of niet?” Dit doe ik al 3 jaar trouw iedere dag. Hij vraagt hier nooit naar! Hij is meer van het type ‘niet kijken als het nog niet kan’. Eigenlijk staat er weinig op wat in ons wensenlijstje en budget past. Jah, één huisje blijft steeds naar voren komen. Maar dat is echt een opknappertje… Ik denk iets teveel werk al is het wel erg leuk. Het heeft een bepaalde sfeer wat me toch aantrekt.  “Laat eens zien dan” zegt hij. En al scrollend door de foto’s verwacht ik dat hij af zal haken… Maar dat doet hij niet. “Schrijf het adres maar eens op, deze wil ik weleens in het echt zien”. Ik kijk hem met opgetrokken wenkbrauwen en een brede glimlach aan. Die had ik even niet aan zien komen!
Na aankomst in Götenburg voeren we het adres in en de GPS zegt nog ruim 220 km. Het eerste wat we doen deze reis is naar het huisje toerijden. Het is een prachtige zomerdag! De laatste 7 kilometer gaan over een grintweg waar er zoveel van te vinden zijn in Zweden. Ik hoorde eens dat zo’n 80 % van de wegen hier grintwegen zijn. We rijden langs een prachtig meer, hier en daar een huisje tussen mooie bossen. Geen afgronden of al te smalle wegen waar ik het normaal zo benauwd van krijg. Ik kijk vol verwondering om me heen, wat is het hier prachtig! ‘U bent gearriveerd’ klinkt het uit mijn telefoon. We zien alleen een smal pad waar net een auto door zou passen. Laten we maar parkeren en een stukje gaan lopen.
Iets verderop splitst een met gras begroeid pad zich af schuin naar beneden en door de bomen zie ik het dak van een huis. Zou dit het zijn? Ik denk van wel. We twijfelen even om erheen te lopen want wat als we fout zijn? Als het gewoon bewoond is? Ik denk het silhouet toch echt te herkennen van de foto’s en besluit erheen te gaan. Hoe dichterbij we komen hoe breder mijn glimlach wordt. Dit is het!
Ik krijg een vreemd warm gevoel in mijn onderbuik, mijn handen tintelen en mijn hart maakt een sprongetje. Dit is het…

Zweeds houten huis rood

 

 

 

“Dat meen je niet!” zegt Will. “Wat een geweldige locatie!“ De lange oprit leidt naar een open plek in het bos. Een gedeelte is verwildert maar om het huisje is keurig gemaaid. We lopen door en aan de voorkant prijkt een kleine patio. De deur wordt dicht gehouden met een stuk hout wat onder de deurknop leunt en er hangt een bordje bij. ‘Dörren är öppen. Välkommen in att titta’ wat zoveel betekend als ’de deur is open, welkom om binnen te kijken’.  Hoe leuk is dit! Will is een echte ontdekkingsreiziger dus die neemt meteen het voortouw. De oude deur gaat makkelijk open. Eerst een gangetje met vier deuren of eigenlijk, twee deuren en twee wat lijkt op kastdeuren. De deur naar rechts leidt naar een kleine maar keurige kamer. Alsof het net behangen is, smaakvol zeil op de vloer en een gezellig houtkacheltje. De volgende deur gaat naar de keuken en daar is het minder netjes. Het grootste deel van de vloer ontbreekt. Hier had ik al over gelezen. Er is hier huiszwam aangetroffen en daarom is al het aangetaste hout verwijdert. Daarna is het hele huis behandeld en nu is alles weg. Inclusief de vloer dus ook, je kijkt zo op de rotsen waar zo’n 130 jaar geleden de fundering op geplaatst is. Wel mooi om te zien hoe ze toen hun huizen bouwde.

Ik blijf een beetje op de drempel staan dralen en verwacht dat de aanblik van deze ruimte wel de dooddoener zal zijn voor ons enthousiasme. William zal wel denken dat dit toch echt teveel werk gaat zijn… Verbaast zie ik hem van rots naar rots springen. Ondertussen overal in kijkend, alles onderzoekend, zie ik hem steeds enthousiaster worden. “Oh maar hier kan ik wel wat mee hoor”! Zegt hij breed lachend! Hij klautert naar de volgende kamer en die ernaast waar ook de vloer mist terwijl hij honderduit blijft praten. “Kijk hier zitten lampen dus er is stroom! En hier… Hier heeft een kraan gezeten dus water is er ook.” Stilletjes kijk ik naar die normaal zo gereserveerde man, en ik voel me van binnen steeds kleine beetjes blijer worden. Terug in de gang openen we een van de kleine deurtjes, een hangkast. De andere verbergt zowaar een trap. Houten treden kraken onder onze voeten en draaien rond in een krappe betonnen doorgang. We komen uit op een hele ruime zolder. Alles is van hout en het ziet er goed uit. Geen natte of rotte plekken. Er is een slaapkamer die wederom keurig is afgewerkt en nog ingericht.  Naast deze kamer zijn aan weerskanten onder het schuine dak opbergruimtes gemaakt.  Wat een ruimte!

We gaan terug naar buiten… Een klein gebouwtje blijkt een composttoilet. Het is er op zich schoon en netjes maar wel gebruikt. Je moet er niet IN kijken natuurlijk. Maar hier heb ik niks op tegen! Het schoonmaken van onze moderne toiletten staat me sowieso tegen en dan heb ik het nog niet over de liters schoon drinkwater die voor ieder plasje weg gespoeld worden door het riool. Echt belachelijk vind ik dat! Nee hoor, vroeger deden ze het stukken beter!

Een groter bijgebouw blijkt een soort timmerschuur. Hier staan nog wat spullen van vorige bewoners. Een mooie oude stevige werkbank, een kastje met boeken, almanakken en magazines uit de tachtiger jaren. We leggen alles netjes terug en sluiten de deur… We staan buiten en kijken in stilte om ons heen. Er hangen tientallen vogelkastjes en de boeren- en gierzwaluwen vliegen af en aan. Ik zie de bonte en de grauwe vliegenvanger. De overwoekerde tuin staat vol met bloeiende kruiden en dit trekt veel bijtjes en vlinders aan. We kijken elkaar aan, glimlachen en we weten wat we beide denken. Dit zou het plekje voor ons kunnen zijn…

William stelt voor een stukje te gaan lopen en de omgeving te verkennen. Langs het zandpad verderop staat nog een huis. Ziet er bewoond uit maar er is niemand. Het lijkt op een kleine houtzagerij ofzo. Weer iets verder is een stuk bos gekapt. Daar staan kraanvogels! En oh kijk daar! Een hert met een jonkie! Rustig loop het beestje het bos weer in. Niet bang of geschrokken, alsof we er gewoon al bij horen. We mogen daar zijn. Door de volgende bocht komen we bij een open stuk en zie daar, een prachtig groot meer! Ik hoor mezelf voor de zoveelste keer zeggen: “Wat is het hier moooooi!!” Op slechts een kleine kilometer van ‘ons’ huisje dit magnifieke stukje natuur. Er staat nog wel een vakantiehuisje maar ook daar is nu niemand. We slenteren nog even langs het water. Zitten een tijdje zwijgend naast elkaar op een rots uit te kijken over het meer.

We denken hardop… “Wat als ik hier mijn levenswerk van maak” zegt Will. “Rustig aan alles opknappen. Misschien in een camper erbij gaan wonen”. Eigenlijk lijkt het mij een goed idee om bijvoorbeeld op de zolder te gaan wonen. Die kleine kamer met vloer kan als tijdelijke keuken dienen. Boven wonen en slapen! “Perfect” zegt hij. We zijn weer stil… Zoveel mogelijkheden spoken door onze hoofden. En het lijkt zo dichtbij nu.

“Kom”, zegt Will, hij steekt zijn hand uit en helpt me omhoog. “We gaan die makelaar opzoeken”!

Wordt vervolgt…